Prinses Pipi en de Alvleesman (05)

Zonder enig besef van de onthutsende gebeurtenissen in en rond zijn paleis, keerde Koning Koperkop met zijn gevolg huiswaarts. Hij had er net een intensieve zakenreis op zitten en hij was blij om terug te keren naar zijn gezin. Na ettelijke en urenlange onderhandelingen met bevriende staatshoofden en uitgebreide zakendiners met meer gangen dan de koning op kon, was het nu eindelijk tijd om terug te keren naar de eigen haard.

- lees meer -

Veertig rovers

Sprookjes zijn sex. Dat weet het kleinste kind. Roodkapje prostitueerde zich in het bos om pannekoeken voor haar zieke grootmoeder te kunnen kopen, en Klein Duimpje had zijn naam natuurlijk ook niet gestolen. Dat bedacht ik na een verhelderend telefoongesprek. Aan de andere kant van de lijn zat iemand met wie ik er graag beeldrijke conversaties op na hou. Eén van die conversaties ging over een picknick. Een picknick is niet moeilijk te organiseren, een laken en een stapel sandwiches met tonijn zijn in theorie voldoende om van een picknick te spreken. Hoe dan ook is het vaak een goed idee om enkele extra inspanningen te doen.

- lees meer -

Prinses Pipi en de Alvleesman (04)

Edna Tramspoor zat op de rand van het koninklijke hemelbed. Ze keek bezorgd door het raam. Het regende dat het goot en het leek er niet beter op te worden. Koningin Kaka lag schijnbaar levenloos op haar grote bed. Edna – koninklijke vriendin en vertrouwenspersoon – hield op aanraden van de dokter de wacht. Een eind verder in de kamer zaten twee figuren op een bankje. Het waren Magda Macaroni en Joris Kwam. Magda’s hoofd rustte op de schouder van de jongeman en ze snurkte een beetje. De broek van Joris was vuil en gescheurd.

- lees meer -

Prinses Pipi en de Alvleesman (03)

Prinses Pipi zat met haar beste vriendin Magda Macaroni in het struikgewas van een holle weg. Ze hadden een hoop kiezelsteentjes verzameld en gooiden die naar hoofden van nietsvermoedende voorbijgangers. Telkens er vanop het pad pijnlijk gevloek opsteeg, moesten de meisjes alle moeite van de wereld doen om hun positie niet te verraden met gegiechel en gegrmpf. Kiezeltjes gooien was hun favorietste bezigheid en ze hadden grote lol.

- lees meer -

Prinses Pipi en de Alvleesman (02)

Koningin Kaka stond op het balkon van haar slaapkamer. Ze had een pruillip waar je een ophaalbrug mee kon optrekken. Uit verveling kapte ze het kommetje soep – dat de kok vers voor haar bereid had – over de reling naar beneden. Een paar verdiepingen lager vloekte de postbode hel en verdoemenis en veegde de vermicelli van zijn pet. Het was zo akelig saai in het kasteel zonder de Koning, dat zelfs deze kleine pleziertjes de koningin niet meer blij konden maken. Het werd werkelijk heel hoog tijd dat Koning Koperkop terug kwam van zijn zakenreis.

- lees meer -

Prinses Pipi en de Alvleesman (01)

Koningin Kaka zat op haar troon en at een stuk taart. Haar man, Koning Koperkop, was op zakenreis en ze verveelde zich stierlijk. Het was al het derde stuk taart dat ze naar binnen werkte. Het was hele zware – maar ongesuikerde – chocoladetaart en ze kon er geen genoeg van krijgen. Ze verzuchtte de verveling en de afwezigheid van haar man en kauwde, onderwijl mistroostig de troonzaal in starend. Met een laatste grote hap verdween het hele stuk taart in de diepte van haar ingewanden. Een luide en langdradige zucht volgde.

- lees meer -

Sprook (3)

Ik wandelde gisteren door het bos. Om een beetje te verluchten ga ik regelmatig in het bos wandelen. Ik wandel dan zomaar wat aan, zonder echt te weten waar naartoe. Vaak gebeurt het dan dat ik verdwaal. Heel erg of maar een beetje, dat hangt er van af. Gisteren wandelde ik door het bos en ik verdwaalde een beetje.

- lees meer -

Sprook (2)

Ik wandelde gisteren door het bos. Om een beetje te verluchten ga ik regelmatig in het bos wandelen. Ik wandel dan zomaar wat aan, zonder echt te weten waar naartoe. Vaak gebeurt het dan dat ik verdwaal. Heel erg of maar een beetje, dat hangt er van af.

- lees meer -

Sprook (1)

Ik wandelde gisteren door het bos. Om een beetje te verluchten ga ik regelmatig in het bos wandelen. Ik wandel dan zomaar wat aan, zonder echt te weten waar naartoe. Vaak gebeurt het dan dat ik verdwaal. Heel erg of maar een beetje, dat hangt er van af. Gisteren wandelde ik door het bos en ik verdwaalde een beetje. Ik kwam aan een beekje en bukte me om wat te drinken. Het water smaakte naar limonade en ik vond dat een beetje vreemd. Toen ik weer opstond zag ik in de verte tussen de bomen een klein huisje staan. Op de achtergrond meende ik een zacht schuivend geluid te ontwaren, als van een spade die in de grond wordt gestoken.

- lees meer -

 
Ik vraag uw hand
Waar wordt u gelukkig van?